Black lives matter Black lives matter


‘… jou zal ik redden – spreekt de HEER. Je zult niet worden uitgeleverd aan de mannen die je vreest, maar ik zal je laten ontkomen. Je zult geen gewelddadige dood sterven, maar worden gespaard omdat je op mij hebt vertrouwd – spreekt de HEER.’
(Jeremia 39 : 17b-18, in de Nieuwe Bijbelvertaling)

Terwijl de corona pandemie nog niet voorbij is, zien we overal in de wereld protesten tegen een andere pandemie. Die is niet van recente datum. Hij is eeuwenoud. Hij is veel besmettelijker dan corona, en een groot deel van de wereldbevolking is ermee geïnfecteerd. Het heeft niet tot groepsimmuniteit geleid, wel tot groepsonverschilligheid. Het is de pandemie van de discriminatie, in het bijzonder tegen mensen met een donkere huidskleur. 

Mijn Keniaanse studenten waren vrijwel zonder uitzondering opgevoed met de gedachte dat zij nakomelingen van Cham waren. Vervloekt - dat was wel aan hun huidskleur te zien! Staat er immers niet in Genesis 9 : 25: ‘Vervloeckt zy Canaan: een knecht der knechten (dus een slaaf! EvdH) zy hy sijnen broederen’ (in de Statenvertaling van 1637)? Ze ervoeren het als een enorme bevrijding als ik hen kon laten zien dat deze gedachte niet uit de Bijbel kwam. Nergens wordt gesteld dat Cham (of zijn zoon Kanaän) een donkere huidskleur had. Nee, dat is een later (door blanken) bedachte fabel om de slavenhandel te kunnen rechtvaardigen en voortzetten. Bovendien klinkt deze vervloeking niet uit de mond van God, maar uit de mond van Noach. Ook dat lijkt me een wezenlijk verschil.

De verontwaardiging over het schenden van de coronamaatregelen tijdens de demonstratie op de Dam heb ik alleen uit blanke monden gehoord. Diezelfde monden heb ik nog niet horen erkennen dat deze demonstratie geen golf van besmettingen teweeg heeft gebracht en dat de verontwaardiging dus op zijn minst voorbarig was. 
Wat zou het mooi zijn als een zelfde verontwaardiging, uit dezelfde monden, zou komen over die andere pandemie - die van de discriminatie. 
Als blanke man ben ik niet bevoegd om te zeggen dat het met de discriminatie in Nederland wel meevalt. De enigen die bevoegd zijn om dat vast te stellen, zijn de slachtoffers van discriminatie. De statistieken laten zien dat het niet meevalt; de stadions laten het horen. 

Wat ik wel zou moeten doen? Strijden tegen mijn eigen vormen van etnisch profileren en discriminerend gedrag, ook als ik denk dat ik niet discrimineer. Want discrimineren doe je meteen zodra je gaat denken en spreken over ‘zij’ en ‘wij’. Dan maak je onderscheid dat er niet zou mogen zijn. De Bijbel kent geen onderscheid in kleuren. 

Dit stukje is niet direct een bemoediging, dat ziet u wel. Hopelijk wel een aanmoediging!
Een aanmoediging om nog eens goed kijken naar de tekst die boven dit stukje staat. Het is een belofte van de Here God aan Ebed-Melech, een zwarte man, die de profeet Jeremia uit de put redde. Het is een belofte die midden in onze verziekte actualiteit klinkt. De actualiteit voor zwarte mensen van ‘mannen die je vreest’, en van ‘een gewelddadige dood’. Er komen enkele woorden bij: ‘ontkomen’ en ‘gespaard worden’. Dat is Gods taal van de bevrijding. 

Black lives matter.
Zwarte levens doen ertoe.
Ook voor God. 

ds. E. van den Ham
terug