Doopgedachtenis – een korte uitleg Doopgedachtenis – een korte uitleg
Bij elke doopdienst worden we herinnerd aan onze eigen doop. De doop is in het christelijk geloof een fundamenteel gebeuren. Het gaat in de doop over grote en diepe dingen, over sterven en opstaan met Christus, over afwassing van zonden, over je oude leven afleggen en opnieuw beginnen, over het toebehoren aan Christus en aan zijn lichaam, de gemeente.
 
Tegelijk blijft in de ervaring van velen de doop op afstand als iets van vroeger waar men weinig mee heeft. En ook al wordt er bij ons geregeld gedoopt, het blijft de doop van anderen waar we als toeschouwer naar kijken. 
 
Nu kent de kerk de zogenaamde doopgedachtenis. Deze doopgedachtenis vindt doorgaans plaats in de paasnacht (of op de avond voor pasen). Dit is ontleend aan de Vroege Kerk waarin toetreders tot het christelijk geloof werden gedoopt in de paasnacht. Op die manier komt de samenhang tussen de doop en en de dood en opstanding van Christus heel duidelijk naar voren. Het sterven en opstaan met Christus wordt opnieuw in herinnering geroepen. 
 
Belangrijk om te benadrukken is dat deze doopgedachtenis géén tweede doop is. De doop in de naam van de drie-ene God is eenmalig en compleet en onherhaalbaar. Het gaat om het gedenken van de doop die eens heeft plaatsgevonden. Dit zal plaatsvinden in een sobere dienst op de avond van Stille Zaterdag. Er zijn verschillende bijbellezingen, er wordt gezongen en gebeden, we belijden het geloof en gedenken onze doop. 
 
Gemeenteleden die hun doop willen gedenken hebben de mogelijkheid om langs het doopvont te lopen. Ieder die wil kan het water aanraken, en eventueel het voorhoofd bekruisen. Op die manier wordt de doop present gesteld en vindt er een bewuste, hernieuwde toewijding plaats aan Christus wiens eigendom wij zijn. En dat op een heel betekenisvol moment, namelijk op de zaterdagavond voorafgaand aan eerste Paasdag. 
 
terug